Mandalay

26 november 2016 - Mandalay, Myanmar

Direct na aankomst na de trekking vertrokken Mari en ik zonder enkele rust in een gedeelde taxi richting Mandalay. Nou, dat is niet aan te raden, de taxi was een kleine auto, die we deelden met een lokaal koppel, die de hele weg een soort tabaksbladeren aten en in een zakje spuugden met veel geluid, bah bah. Dit goedje heet Betelnut. Het kauwen van betelnoot heeft stimulerende en narcotische effecten en veel mensen gebruiken het om zich wakker en alert te voelen. Het heeft zeker geen goede naam buiten Myanmar. Naast het blad zitten er diverse andere dingen in het pakketje waaronder de arecanoot (ook betelnut genoemd) waarvan een stimulerende uitwerking op het zenuwstelsel uitgaat. Het geheel wordt aan elkaar geplakt met een dikke witte vloeistof, dat op behangplaksel lijkt. Geregeld wordt er tabak aan de mix
toegevoegd en diverse kruiden. Het pakketje wordt in één keer in de mond gestopt en goed gekauwd zoals men vroeger pruimtabak kauwde. Vervolgens spugen ze
om de haverklap om de bijsmaken kwijt te raken, die spuug is rood, jakkes. Door dit te gebruiken krijg je ook nog eens rood/bruine tanden. Niet echt een pretje om
naar te kijken en je ziet overal op straat van die rode vlekken. Best een beetje goor. 

De rit duurde ruim 6 uren en als je dat zo direct na een tracking doet, is dat zwaar afzien.Na aankomst vrij snel ingecheckt en gaan slapen, we waren echt kapot. De volgende dag tickets geboekt naar Ngapali, het strandplaatsje waar Anja en
Jesse zijn. Dat boeken nam bijna twee uur in beslag. Tja, niets gaat snel en eenvoudig in Myanmar, blijkt maar weer.

Die dag een beetje rondgehangen in Mandalay, want we konden niet dezelfde dag vertrekken, helaas. Mandalay wordt beschouwd als het culturele hart van Myanmar. Het is een belangrijk boeddhistisch religieus centrum en de thuisbasis van veel tempels, pagodes en kloosters. Maar ik zal eerlijk zijn Mandalay is echt niet bijzonder hoor. Het is er erg druk, beklemmend en overal ruikt het vies.